Ajax Away

De enige verplaatsing die in een paar uurtjes valt te overbruggen, die binnen het voetbalbudget van de meeste supporters valt en gezien de ontwikkelingen in onze poule ook nog eens een enorm sportief belang heeft: Anderlecht moet een puntje halen om te overwinteren. Gecombineerd met het goede contact dat de supportersclub met bepaalde groepen Ajacieden onderhoudt, leidt er toe dat de vraag naar tickets voor deze wedstrijd binnen onze supportersclub enorm hoog is. We zijn niet de enige club: er zijn meer dan 5000 aanvragen voor tickets, dus zal er onder alle supportersclubs een verdeling van tickets plaatsvinden.

Er wordt beslist dat 1 groep vooruit zal reizen en dat er op de matchdag zelf een bus naar Amsterdam zal worden ingelegd. De voorschotten stromen binnen en het zal niet makkelijk worden om iedereen met een ticket te plezieren.

De avond voor de matchdag komt de groep die vooruit zal reizen samen in Hoogstraten, waar we samen nog iets zullen eten alvorens naar Amsterdam te vertrekken. Zo omzeilen we de files in Breda, Utrecht en Amsterdam. De café’s op het marktplein van Hoogstraten zitten stampvol, de examens van de middelbare scholen zijn gedaan en dat wordt duidelijk hard gevierd in Hoogstraten. Zo hard dat we ons bijna ongemakkelijk beginnen voelen tussen al dat jong geweld rond ons. En ook de berichten over het “coma-zuipen” wat de laatste weken een hot item was in de Belgische pers, blijken te kloppen. Op minder dan een half uur zien we maar liefst 3 tieners buiten gedragen worden: 2 ervan weten waarschijnlijk hun eigen naam niet meer en een derde reageert helemaal nergens meer op. Hij wordt door zijn vrienden in de goot voor het café gelegd en door de halve school gefotografeerd.

De uitbater van het café is duidelijk aangeslagen van de gebeurtenissen dat hij geen alcohol meer wil schenken aan de jongeren. Alleen onze groep en nog oudere generatie, die duidelijk van hun werk komen, kunnen nog alcoholische dranken verkrijgen. Enkele tafels voorbij waar wij staan, zit een groepje jonge vrouwen die duidelijk niet meer tot de middelbare school generatie behoort. Ook zij krijgen echter geen drank meer. We springen voor hen in de bres en na kort overleg met de uitbater mogen zij toch ook nog een alcoholisch drankje bestellen. Wanneer zij ons bedanken voor onze hulpvaardigheid, bedenkt de uitbater zich plots: volgens zijn theorie helpen wij de scholieren om aan alcoholische dranken te geraken. Het was dan ook het laatste alcoholische drankje dat hij in zijn zaak getapt heeft vandaag: hij wil iedereen buiten. Ik bedenk mij dat cafébazen in Hoogstraten goed moeten verdienen om eerst 100 tot 120 scholieren en daarna nog eens 40 à 50 andere cafégangers buiten te zetten.

We steken de straat over en gaan dan maar iets te vroeg de taverne, waar we gereserveerd hebben, binnen. We bestellen de eerste drankjes en wachten op de laatkomers alvorens we de spaghetti laten aanrukken. Matti (jaja, de Matti van Crystal Palace) heeft geregeld dat we zoveel mogelijk mogen eten als we willen aan een vaste prijs. Gezien de omvang van onze groep waren de uitbaters maar al te graag akkoord gegaan. Na de hartelijke begroeting van de laatkomers en de bestelling van ons avondmaal en een nieuwe voorraad drank, valt plots de elektriciteit uit. Spontaan wordt een luide “Everywhere we go” ingezet, begeleid door ritmisch gebonk op de tafels. Wanneer het licht weer aangaat, zien we achter verschillende tafels geschrokken bejaarden zich vastklampen aan de tafels. Geintjeuh!

Nadat de hongerige magen met overheerlijke spaghetti zijn gevuld en de eerste grote dorst is gelest, krijgen we nog een aanzienlijke korting van de uitbater vooraleer we naar Amsterdam vertrekken: Bedankt!  Anderhalf uur later komen we aan in een licht besneeuwd Amsterdam. Sommigen parkeren zich ondergronds, anderen wurmen zich op straat tussen reeds geparkeerde auto’s in.  We checken in voor een heus vrijgezellenfeest, gooien onze bagage op de kamers en bestellen enkele taxi’s richting het Leidseplein.

Daar worden we opgewacht door bevriende Ajacieden en wandelen we in hun gezelschap naar een danscafé dat speciaal voor AFCA en RSCA supporters werd vrijgehouden.  Ongeveer 80 Anderlechtboys en een 40-tal Ajacieden brengen samen al feestend de nacht door in een erg ontspannen sfeer. De Ajacieden verzekeren ons dat het morgen wel goed komt en dat we samen naar de volgende ronde zullen gaan: Afwachten maar! Wanneer de housemuziek wordt afgewisseld met wie anders dan André Hazes, wordt er zo luid meegezongen dat de DJ besluit om meteen over te schakelen op foute muziek. Het komt het feest alleen maar ten goede: er wordt vrolijk meegezongen en ‘gedanst’.

Na de vele Hollandse pintjes, aangevuld met enkele shots op kosten van de uitbater, loopt het feestje op zijn einde omstreeks half vier. Nog veel te vroeg volgens onze groep, dus nemen we enkele taxi’s om uit te vissen of er op de wallen nog wat te beleven valt.  Ook in het bekende red light district blijkt er niet veel licht meer te branden en lijkt de stad wel ingedommeld onder een goed pak sneeuw. Dat is dan buiten 30 wakkere Belgen gerekend: kleine straatjes, vlakbij de alom gekende Amsterdamse grachten, gladde bruggetjes: alles is aanwezig voor een heus sneeuwballengevecht. Er worden sneeuwballen over en weer gegooid, maar al snel wordt er gewoon op elkaar “gechargeerd”. Mensen worden in een pak sneeuw gewerkt of hun kraag wordt voorzien van een laagje sneeuw. Slachtoffers zetten dan weer vol enthousiasme de achtervolging in, maar schuiven pardoes onderuit op de gladde kasseitjes van de bruggetjes. Hilariteit alom om 4 uur ’s morgens op de Amsterdamse wallen.

Wanneer we richting het hotel wandelen, komt een politiewagen toegesneld: die dachten vast dat het verkeerd was gegaan tussen een groep mensen. Ze weten de situatie vanuit hun wagen correct te beoordelen en laten ons met rust. Hoewel het hotel maar op 5 minuten wandelafstand gelegen is, willen sommigen toch nog een taxi nemen. Terwijl de wandelaars, waaronder ik, doordrijven en te voet naar het hotel afzakken, raken anderen aan de taxihalte nog aan de praat met een Canadese meid. Een aangenaam gesprek met een Canadese meid wordt net niet met een huwelijk afgesloten en omstreeks 5 uur ligt iedereen op zijn kamer.

’t Is te zeggen: voor sommigen zijn niet genoeg wc’s aanwezig op 1 kamer, anderen zijn dan weer terug te vinden in kamers waar ze niet horen te zijn en nog anderen vallen dan weer zo enthousiast in slaap dat ze besluiten de hele kamer wakker te houden.  Ik heb het geluk van in zo’n laatste kamer te liggen: wanneer de persoon links naast mij uitblaast, ronkt mijn rechterbuur… en omgekeerd. Wakker maken helpt welgeteld 6 seconden, in de badkamer gaan liggen is ook geen optie en de anderen zijn met geen stokken wakker te krijgen, wat maakt dat ik om half 9 alweer in de bar van het hotel zit met voor mijn neus een plat watertje van 3,5 euro en hoofdpijn alsof ik net een slag met een voorhamer gekregen heb. De pilletjes van de balie werken niet, Dafalgan ook niet: hopelijk ebt het snel weer weg.

Intussen is de bus vanuit Keerbergen vertrokken. Er zijn broodjes voorzien en er is genoeg drank op de bus geladen. De gelegenheidsupporters worden door de vaste waarden op de bus subtiel op de hoogte gebracht van de goede band tussen de supporters van Anderlecht en Ajax. De sneeuw kan de pret niet bederven, integendeel: ook voor de busgangers is de sneeuwpret onderweg verzekerd. Vrijwel elke stop op een parking resulteert in een nieuw sneeuwballengevecht, ofwel onder Purple Haze ofwel tegen andere supportersclubs. Rond de middag zal de bus parkeren aan de ArenA.

Tegen dan is ook de tweede groep met de auto aan het hotel gearriveerd. Wanneer we de receptionist vragen om een foto te nemen van de hele groep, wordt hem alles duidelijk als we onze grote vlag “RSC ANDERLECHT ON TOUR” tevoorschijn toveren: helemaal geen vrijgezellenfeest dus, maar een hotel vol voetbalsupporters. Hij ziet ook wel dat we niet met kwade bedoelingen in Amsterdam zijn, dus hij kan er best nog wel om lachen. Door de sneeuw banen we ons een weg naar het Rembrandtplein waar de Anderlechtsupporters door de Ajacieden zijn uitgenodigd voor een verbroederingsfeest. Voor een barbecue is het te koud, maar dat kan de sfeer niet verpesten. Al vroeg op de middag moet Three Sisters een extra ruimte openen om alle supporters te kunnen ontvangen. Ik ben duidelijk niet de enige die afziet van het Hollandse bier van de avond voordien: er gaat opvallend veel frisdrank over de bank en voor diegenen die toch volharden in het bier ligt het tempo beduidend lager dan gisteren. Ik moet nog een pak tickets regelen en moet me de hele tijd tussen de menigte door wringen om de mensen te vinden. Tussen 16 en 17 is er zoveel volk in de kroeg, dat de portiers nog weigeren volk toe te laten. Wie buiten gaat, moet achteraan in de rij weer aanschuiven om weer binnen te geraken.

Het doet supporters besluiten het feest te laten voor wat het is en een rustiger plekje op te zoeken. In de Blauwbrug worden de Vlaamse klassiekers uit de kast gehaald, jammer genoeg niet naar waarde geschat door het personeel van de zaak. Tegen etenstijd moeten de supporters de zaak verlaten. Niet erg, want dat is voor ons de hoogste tijd om naar het stadion af te zakken. Een zee van supporters wandelt naar de metrohalte: een indrukwekkend zicht. Zowel de Anderlechtfans als de Ajaxfans laten van zich horen in een erg kameraadschappelijke sfeer: dit moet uniek zijn in Europa. Met 2 volgestouwde metrotreinen worden we naar de ArenA gebracht. Onderweg sneuvelt een raam van een metrostel, wat maakt dat de reistijden even in de war gebracht worden. Iedereen raakt echter tijdig aan het stadion en vooral de Anderlechtfans wachten vol spanning de wedstrijd af.

Ajax is reeds gekwalificeerd en de trainer laat dan ook de volledige centrale as van de ploeg op de bank. De weg naar de kwalificatie ligt open voor Anderlecht: een puntje is genoeg. Verbazend genoeg een flitsende start van onze ploeg en in no time staan we na 2 goals van wonderkind Lukaku 0-2 voor, tot groot jolijt van zo’n 4000 meegereisde fans, al dan niet in het bezoekersvak. De supporters in de thuisvakken kunnen zonder problemen juichen en gedragen zich ook low profile. Bousouffa schiet nog op de lat en Van Damme mikt een retro voorlangs alvorens Legear op slag van rust de 0-3 kan binnenwerken na geflater in de Ajax-defensie. Stekelenburg en Oleguer zien er daar echt niet goed uit en menig fans fronsen de wenkbrauwen. Het zal ons een zorg wezen: Anderlecht is gekwalificeerd.  De bevriende Ajacieden kunnen er wel om lachen en voegen er fijntjes aan toe dat hun voorspelling dat we samen zouden doorgaan ook effectief klopt.  Een deel van het publiek kan de vernedering minder smaken en fluit de eigen ploeg genadeloos uit. Ze willen hun team zien voetballen. Na 2 rake wissels, Suarez en De Zeeuw, moet Anderlecht achteruit en komen ze er alleen nog uit op de counter. Emmanuelson mildert nog tot 1-3, maar dan is de match beslecht. Anderlecht wint de groep en gaat na de winter samen met Ajax naar de volgende ronde. Tijdens de ereronde krijgen zowel eigen spelers als de spelers van de tegenstander van beide supportersgroepen uitbundig applaus: kippenvel!

Terwijl het gros van de 3000 meegereisde fans naar hun bussen wandelt, wachten wij op de Ajacieden die aan de andere kant van het stadion zaten.  De sfeer blijft gemoedelijk en ontspannen en samen reizen we weer naar het centrum van de stad. Door de hevige sneeuwval ligt het treinverkeer in Nederland helemaal plat en moeten veel Nederlandse supporters met vervangbussen weer naar huis gebracht worden. Ook de Belgische bussen hebben nog een heel eind te schaatsen vooraleer alle supporters weer veilig thuis zullen zijn. Het vergt zoveel concentratie van onze buschauffeur dat hij prompt de muziek dimt tot het absolute minimum: tot grote ergernis van de uitbundige supporters die de kwalificatie en groepswinst willen vieren.

Wij ondervinden helemaal geen last van de sneeuwval om tot in het centrum te geraken. Sommigen willen direct naar huis en keren terug naar het hotel voor nog een ritje van een paar uur door de verse sneeuw. Anderen zoeken in de omgeving van het Rembrantplein nog wat te eten. Het wordt een Argentijns steakhouse. Zonder te provoceren wordt nog een bescheiden feestje gevierd terwijl we wachten op de ribbekes of de steak. Uiteraard mogen we niet vergeten van Lange, die moest werken, bij de festiviteiten te betrekken: Het wordt maar matig geapprecieerd. Ik heb nog steeds barstende hoofdpijn en besluit na het eten samen met Spitske het hotel op te zoeken, terwijl de anderen nog eens gaan kijken of er om dit uur nog meer leven is op de wallen. 

De pillen tegen hoofdpijn van Mik en het hotel helpen geen fluit. Ik kan wel wat rusten, maar mijn hoofd blijft kloppen als een overenthousiaste hardcorebeat. Mijn kamergenoten hebben speciaal een “extra” toertje gemaakt om de gezellige lichtjes van de wallen te aanschouwen om zeker te zijn dat ik bij hun terugkomst in slaap zou liggen. Niets is minder waar: ik ben klaarwakker wanneer ze de kamer binnenkomen. Niet veel later lig ik weer tussen 2 snurkende beren en komen de smsjes binnen dat iedereen veilig is thuisgeraakt: gelukkig maar! Tijdens een nachtelijke sanitaire stop, zie ik plots een potje watten staan: Aha, eureka! Ik neem 2 watten en prop ze in mijn oren: dat scheelt toch al een pak. Wonder boven wonder lig ik een half uur later eindelijk te pitten.

Na 5 uurtjes slaap is het alweer tijd om op te staan: voor de middag moeten we uitgecheckt zijn en een deel van de gasten wil op de middag alweer naar huis vertrekken. We zullen samen in de bar nog naar de loting kijken en afscheid nemen van de jongens die al naar huis gaan. Piekes, Steven, Mik en ik blijven nog tot ’s avonds. Als de loting vlak na de laatste match valt is er al heel wat minder gespeculeer over wie het zou kunnen worden en al helemaal geen tijd om op voorhand mogelijke routes uit te stippelen. De volgende tegenstander wordt Atlético Bilbao. Mijn gezellen zijn getuige van wat er volgt op een loting: De telefoon rinkelt constant en ik doe niets anders dan vragen beantwoorden en zeggen dat we wel een route zullen vinden om ter plaatse te geraken, maar dat dat nogal redelijk moeilijk te regelen valt vanuit Amsterdam. Voor sommigen dringt de boodschap niet echt door: ze blijven me terugbellen. “Hallo, ik zit nog in Amsterdam!” Na 2 uur waait de storm over en kan ik hoofdpijnvrij weer van mijn stad genieten.

We kuieren door de kleine straatjes van Amsterdam, gaan op boekenjacht voor Axel en drinken een glas fruitsap bij Nicole in The Old Church. We raken aan de praat met een Ajacied van de oude garde, die heel wat prachtige verhalen bovenhaalt.  Ook Nicole is een leuke dame en volgt Ajax zo vaak ze kan, afhankelijk van haar werk. Ze was onder andere in Anderlecht en is als vrouw verbazend goed op de hoogte van de goede band en de talrijke bezoekjes van beide supportersclans. Zo kan ze zo enkele wedstrijden opsommen waar Anderlechtsupporters in Amsterdam aanwezig waren. Enkele uren later wandelen we weer de kleine straatjes in op zoek naar een cadeau voor mijn zus, die morgen verjaart. Ook Mik en Steven zoeken nog enkele souvenirs als aandenken aan deze trip. In de bijenkorf vind ik eindelijk de geschikte cadeau. Volgens Piekes had er nog iets extra kunnen volgen want de verkoopster zou bij het inpakken meer oog gehad hebben voor mij dan voor het cadeau en opzettelijk een pose aannemen om haar troeven te tonen. Als we buiten wandelen krijg ik een, volgens Piekes, welverdiende tik op mijn kop. Niets van gemerkt. 

We sluiten deze dag af met een lekkere pizza in het gezelschap van enkele knappe studentes, die een goed rapport komen vieren, en met een glas in de buurt van ons hotel. Nu pas krijgen we bericht dat de gasten die ’s middags na de loting vertrokken zijn, veilig zijn thuisgekomen. Ze hebben ruim 7 uur gereden om thuis te geraken. Niemand heeft eigenlijk zin om naar huis terug te keren, maar het moet nu eenmaal. Intussen is het ook in Amsterdam weer beginnen sneeuwen, dus nemen we het zekere voor het onzekere en zetten we rond 21 uur weer koers naar huis. De autostrade ligt open en mits wat extra voorzichtigheid valt er goed te rijden. 2 uur later zetten we Piekes af bij een ondergesneeuwde mini  en doen we Mik naar huis. Niet over de gevaarlijk gladde binnenwegen, maar voor alle zekerheid nemen we een hele omweg om hem via de sneeuwvrije autostrade weer thuis te krijgen.

Nog snel een bicky burger alvorens Steven en ik het laatste deel van onze tocht naar Keerbergen aanvatten. Op de autostrade hebben mijn zomerbanden geen probleem, maar eens de autostrade af en de binnenwegen naar Keerbergen op, schuiven we heen en weer. Nog even opperste concentratie vooraleer ik de auto veilig de garage inrijd.  Onder het straatlicht nog een kwartiertje helpen om de auto van Steven sneeuwvrij te maken voor ik doodmoe mijn bed ga opzoeken. 3 kwartier later, na de verlossende berichten dat zowel Steven als Piekes veilig thuisgeraakt zijn, is het tijd om de vele uurtjes slaap in te halen en te dromen over de volgende ronde.

Up to Bilbao!

SC PURPLE HAZE INFO
E-mail: info@sc-purplehaze.be
Inschrijvingen: - Tina Brasseur
  (+32 493 51 74 07)
  - Online
Rekening (NIEUW!): BE22 1430 9342 5047
Vertrekpunt: Sporthal Keerbergen
  Putsebaan 103
  3140 Keerbergen